Nederlandse officieren van justitie willen crypto-platform Knaken failliet verklaren
Het Nederlandse Openbaar Ministerie heeft de ongebruikelijke stap gezet om een faillissementsverzoek in te dienen tegen Knaken, een in Nederland gevestigde crypto-exchange, nadat de tegoeden van het platform waren bevroren als onderdeel van een lopend strafrechtelijk onderzoek. Voor accountantskantoren, auditors en CFO's die crypto-assetdienstverleners in de EU adviseren, is deze zaak een duidelijke herinnering dat handhaving snel kan verschuiven van het veiligstellen van activa naar volledige insolventieprocedures.
Wat er is gebeurd
Bevriezing van activa en strafrechtelijk onderzoek
Knaken, dat opereerde als een crypto-aan- en verkoopplatform voor particuliere en zakelijke klanten in Nederland, kreeg zijn tegoeden bevroren door de Nederlandse autoriteiten in verband met een strafrechtelijk onderzoek. De precieze aard van de onderliggende beschuldigingen is in openbare verklaringen in dit stadium niet volledig uiteengezet, maar de bevriezing legde de activiteiten van het platform feitelijk stil en verhinderde de verwerking van klantgelden.
Faillissementsverzoek door het Openbaar Ministerie
Na de bevriezing heeft het Openbaar Ministerie een formeel verzoek bij de rechtbank ingediend om Knaken failliet te verklaren. Dit is een opmerkelijke escalatie: de officieren van justitie streven niet alleen naar straffen of herstelmaatregelen. Ze vragen de rechtbank om de entiteit volledig te ontbinden. Als dit wordt toegewezen, neemt een door de rechtbank aangestelde curator de controle over de resterende activa, waarbij schuldeisers en klanten in een rij komen te staan volgens de Nederlandse insolventieregels.
Waarom dit belangrijk is voor bedrijven en adviseurs
Insolventie als handhavingsinstrument
Toezichthouders en officieren van justitie in de hele EU hebben historisch gezien boetes, intrekking van vergunningen of handelsschorsingen gebruikt bij niet-conforme crypto-platforms. Het gebruik van een faillissementsverzoek als primair handhavingsmechanisme is een stap verder. Het geeft aan dat de Nederlandse autoriteiten bereid zijn structurele maatregelen te nemen, niet alleen financiële sancties, wanneer zij van mening zijn dat een platform een voortdurend risico vormt.
Accountantskantoren die CASPs in Nederland controleren of compliance-diensten verlenen, moeten dit als een levend precedent beschouwen. Een bevroren platform kan niet aan klantverplichtingen voldoen, kan geen betrouwbare jaarrekeningen opstellen en roept onmiddellijke vragen op over de continuïteit voor elk engagementteam dat al ter plaatse is.
Klantgelden en schuldeiserspositie
Een van de meest urgente praktische vragen betreft de activa van klanten die op het platform worden aangehouden. Onder de Nederlandse insolventiewetgeving hangt de behandeling van crypto-activa van particuliere of institutionele klanten af van hoe die activa werden aangehouden, of ze gescheiden waren, vermengd of onder een specifieke regeling bewaard. Adviseurs die schuldeisers of getroffen klanten vertegenwoordigen, moeten hun positie snel beoordelen. De ESMA-richtlijnen over het afwikkelen van niet-gemachtigde CASPs zijn hier relevante context, ook al komt de situatie van Knaken voort uit strafrechtelijke procedures in plaats van een eenvoudige regelgevende afwikkeling.
De MiCA- en vergunningsachtergrond
Registratie- en vergunningsvereisten in Nederland
Nederland vereist sinds 2020 dat crypto-dienstverleners zich registreren bij De Nederlandsche Bank (DNB) onder de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Dat regime is nu aangevuld met MiCA, dat een pan-Europees vergunningskader voor crypto-assetdienstverleners introduceerde. Platforms die zonder de juiste registratie of vergunning opereren, of waarvan wordt vastgesteld dat ze ernstige compliance-tekortkomingen hebben, worden geconfronteerd met toenemende aandacht van zowel DNB als de AFM.
Bedrijven die klanten adviseren over CASP-compliance moeten nagaan of de Nederlandse registraties en, waar van toepassing, MiCA-vergunningen van hun klanten actueel en verdedigbaar zijn. De eigen richtlijnen van de AFM over sanctiecontroles voor accountants onderstrepen de verwachting dat professionele adviseurs actief toezicht houden op de regelgevingsstatus van hun klanten.
Grensoverschrijdende blootstelling voor EU-bedrijven
Knaken had klanten buiten Nederland. Elk in de EU gevestigd accountants- of advocatenkantoor dat Knaken of haar dochterondernemingen als klant had, wordt geconfronteerd met meldingsplichten, mogelijke aansprakelijkheidsvragen en de noodzaak om eerdere werkzaamheden opnieuw te bekijken in het licht van de handhavingsactie. De zaak is ook een aanleiding voor bedrijven die andere Nederlandse of EU-crypto-platforms bedienen om hun klantacceptatiebeoordelingen en lopende monitoringprocedures opnieuw te bekijken.
Praktische stappen voor adviseurs
Direct te overwegen acties
Elk bedrijf met een directe of indirecte band met Knaken moet de volgende stappen onverwijld nemen. Identificeer eerst alle engagementdossiers en beoordeel of gerapporteerde continuïteitsverklaringen moeten worden heroverwogen. Controleer ten tweede of klantgelden die in die dossiers worden beschreven, correct waren afgeschermd. Bekijk ten derde de AML- en sanctiescreeningsgegevens om te bevestigen dat eventuele rode vlaggen destijds op de juiste manier zijn geëscaleerd.
Voor bedrijven zonder directe band is deze zaak nog steeds een aanleiding. Het versterkt het belang van het bijhouden van robuuste due-diligence-dossiers over crypto-platformklanten en van het begrijpen hoe snel een strafrechtelijke bevriezing kan leiden tot insolventieprocedures in de EU.
Source: Decrypt
FAQ
Nederlandse officieren van justitie bevroren de activa van Knaken als onderdeel van een strafrechtelijk onderzoek. Nadat de bevriezing het platform onmogelijk maakte om te opereren, diende het Openbaar Ministerie een formeel faillissementsverzoek in bij de Nederlandse rechtbank, met het verzoek de entiteit volledig te ontbinden.
Een regelgevende afwikkeling wordt doorgaans gestart door een financiële toezichthouder zoals de AFM of DNB en volgt administratieve procedures. Een strafrechtelijk faillissementsverzoek wordt ingediend door officieren van justitie en is gekoppeld aan een onderliggend strafrechtelijk onderzoek. Het kan sneller verlopen en de uitkomst, controle door een door de rechtbank aangestelde curator, is hetzelfde als bij een commercieel faillissement, maar de aanleiding en de procedurele weg zijn anders.
Onder de Nederlandse insolventiewetgeving hangt de uitkomst voor klanten af van hoe hun activa werden aangehouden. Gescheiden activa kunnen buiten de algemene faillissementsboedel worden teruggevorderd, maar vermengde tegoeden worden waarschijnlijk als ongedekte vorderingen behandeld. Getroffen klanten moeten onmiddellijk gespecialiseerd Nederlands insolventieadvies inwinnen.
Kantoren moeten ervoor zorgen dat ze regelmatig continuïteitsbeoordelingen uitvoeren voor crypto-platformklanten, actuele gegevens bijhouden van de regelgevingsregistraties en MiCA-vergunningsstatus van die klanten, en duidelijke escalatieprocedures hebben als een strafrechtelijk onderzoek of bevriezing van activa aan het licht komt. Eerdere controledossiers moeten mogelijk ook worden herzien.
Niet direct, maar het creëert een precedent dat EU-officieren van justitie bereid zijn insolventieprocedures te gebruiken als handhavingsinstrument tegen crypto-platforms. Kantoren die CASPs in enige EU-jurisdictie adviseren, moeten dit beschouwen als een signaal dat compliance-tekortkomingen existentiële gevolgen kunnen hebben, niet alleen boetes of schorsingen van vergunningen.
